Ha, die pa.
Ik zal gelijk met de deur in huis vallen. Ik volg op dit
moment een vak dat Mediawijsheid heet. Het gaat over de implicaties van de
veranderende samenleving, en de toename van nieuwe media. In de klas
filosoferen we over de veranderingen binnen de maatschappij, hoe we ons van een
1.0 samenleving naar een 3.0 samenleving begeven. Dit vergt misschien een
beetje uitleg; er vindt eens verschuiving plaats in de samenleving, waarbij
globalisering, digitalisering en de toename van media centraal staan. De 3.0
samenleving kan ook gezien worden als een maatschappij waarin netwerken een
steeds prominentere rol krijgt. Hierbij worden netwerken die eerder gesloten
waren, aan elkaar verbonden, en ontstaat er een systeem waarin ieder kan delen
en deelnemen. Als individu binnen de 3.0 samenleving ben je niet enkel
ontvanger, maar ook zender, en lever je een actieve bijdrage, bijvoorbeeld via
social media kanalen. Je bent in een 3.0 samenleving meer in staat om bij te
dragen, en daarmee een rol op je te nemen. Is dat dan op dit moment al volledig
aan de orde? Nee, we zitten nu eigenlijk een beetje in een overgangsfase, ofwel
de 2.0 samenleving. De afstand tussen bestaande instituties en individuen wordt
kleiner wanneer een individu op steeds simpelere wijze contact kan leggen, en
de interactie toegankelijker wordt.
Ik noemde het al even, social media. Het meemaken van de
opkomst hiervan is denk ik kenmerkend voor mijn generatie, omdat early adopters
vaak jongeren zijn. De toename van het internetgebruik heeft in de vorige twee
decennia gezorgd voor veel nieuwe ontwikkelingen. De toename heeft met name het
laatste decennia gezorgd voor een sterke ontwikkeling van een Sociale Media
omgeving op het web. Deze sociale netwerksites (SNS) worden bijvoorbeeld
omschreven als websites die het mogelijk maken voor mensen om online
communities te vormen en om user-created contents te delen (Kim, Kim, Oh &
Ryu, 2010). Ook Boyd en Ellison (2007) hebben een soort gelijke definitie voor
SNS: een web-gebaseerde dienst die het individuen mogelijk maakt om 1) een
publiek of semi-publiek profiel te maken, 2) een lijst met andere gebruikers te
onderhouden met wie ze een connectie delen, en 3) die lijst met connecties te
bekijken of over te nemen van andere mensen binnen het systeem. De belangrijkste
social media website is op dit moment ongetwijfeld Facebook. Bij mijn weten
gebruik jij trouwens geen Facebook, anders mag ik toch hopen dat je me
toevoegt. Of wil je mijn bestaan verborgen houden voor je vrienden?
Ik wil je vragen om een reactie
over dit alles, ik moet voor dit vak namelijk een duo-blog schrijven. Je zal
wel denken, zoonlief is weer te laks om verder te zoeken naar een medeblogger
en klopt bij paps aan, maar eigenlijk sla ik meerdere vliegen in een klop.
Zonder je te bestempelen als oude lul, ben je van een andere generatie. Och,
herinner ik je even pijnlijk aan je midlife crisis? Dat compenseer ik dan wel
weer door met je mee te gaan naar Muse-concerten enzo, heel vervelend ook, voor
mij. Maar ik heb het voor je over. Nee, alle gekheid op een stokje. Je bent
iemand die afkomstig is uit een 1.0 samenleving, en ik ben enkel daarom al
benieuwd naar je gedachten over ontwikkelingen, wat denk je van sociale media
en hoe helpen ze voor jou? Daarnaast ben ik voornamelijk benieuwd omdat je me
ook iets kan vertellen over de implicaties van digitale ontwikkelingen in het
bedrijfsleven. Je werkt tenslotte bij de netwerkbeheerders-afdeling van een
energiebedrijf, en daarmee werk je in een technischere branche, waar ik me als
student in het onderwijs bevind, en daar straks ook mijn baan zal vinden. Dus
pa, hoe ga jij om met sociale media, digitale ontwikkelingen, en hoe zie je
deze terug op je werk en in jouw dagelijkse leven?
Groet, Tim.
Ha, zoon.
Bedankt voor je brief. Ik dacht eerst even, gezien de lengte
van je brief, dat je geld nodig had ofzo. Dit bleek gelukkig niet waar. Okee,
je hebt iets van me nodig, dat dan weer wel. Maar ik zal niet te flauw doen en
je terug schrijven, ook al vind ik wel degelijk dat je me bestempelt als oude
lul. Je hebt geluk, ik wilde al bijna je zus meevragen naar Muse, na deze grove
belediging. Maar die vindt het herrie.
Ik zal eerst reageren op wat ik van de ontwikkelingen denk
met betrekking op de maatschappij. Ik sluit me een klein beetje aan bij de
kersttoespraak van Bea, jaren terug. Ze sprak toen haar zorgen uit over sociale
media. Iets over dat mensen straks hun buren niet meer kennen, maar wel
allerlei mensen kennen via het internet. Ik heb ook altijd schouderophalend
toegekeken hoe jij en je zus er zoveel mee bezig kunnen zijn. Als je hier weer
thuis bent, is je iPhone geen kwartier stil. Het is heel anders dan vroeger,
waar je voornamelijk face-to-face contact had met je vrienden. Maar aan de
andere kant, zie ik ook wel in dat het te kort door de bocht is om hier heel
veel zorgen bij te hebben. Ik denk namelijk dat de huidige generatie daardoor
wel meer contact heeft. Of het contact net zo goed is, dat weet ik niet zo
goed, maar het is een vorm van sociaal contact.
Dan over hoe ik zelf de ontwikkelingen van digitale media
meemaak. Je hebt het fout, over mijn Facebook-account. Ik heb sinds je oom
Spotify heeft laten zien, een Facebook-account aangemaakt om ook te kunnen
luisteren. Maar niet op mijn eigen naam, en ik heb nul vrienden. Heb het te
druk om me daar ook nog mee bezig te gaan houden. Ik maak thuis regelmatig
gebruik van je moeders iPad, toch wel erg makkelijk als je even snel het nieuws
wilt bekijken. Waar ik me zoals je weet veel mee bezig houd, is het verzamelen
van Frank Zappa LP’s. Als ik dat twintig jaar terug had gedaan, had ik elke
platenzaak af moeten struinen. Nu regel ik alles via eBay. Ik koop en verkoop
ook regelmatig via Marktplaats. Dit zijn, denk ik, nog allemaal 2.0
toepassingen. Ik ben dan ook niet iemand die echt zelf bijdraagt. Hoewel, ik
ben wel actief op LinkedIn. Ik heb de laatste jaren toch wel gemerkt, zeker
wanneer ik conferenties bezoek, dat je niet meer meedoet als je geen
LinkedIn-account hebt. Ik voeg mensen toe, breid mijn netwerk uit, en onderhoud
contacten. Heel erg belangrijk, zeker in een periode waarin banen op de tocht
staan.
Over de baan gesproken, dan maar. LinkedIn speelt ook daar
een belangrijke rol, wanneer we een sollicitant hebben, wordt deze natuurlijk
eerst even opgezocht. Niet alleen op LinkedIn overigens, maar via het internet
kom je al snel van alles tegen over iemand. Ik denk dat op mijn vakgebied de
belangrijkste ontwikkeling de ‘slimme meter’ is, waarmee mensen op een
interactieve wijze hun energiegebruik kunnen bijhouden. Wordt met name de afgelopen
tijd steeds populairder. Op de radio word je de laatste tijd helemaal suf van
‘Oscar’ van de concurrent Oxxio, die een iPad weggeeft bij de aanschaf van een
slimme meter. Ik vind de reclame slecht, in het spotje reageert de zogenaamde
consument pas zodra hij verneemt dat hij een iPad krijgt, alsof dat het enige
belangrijke is. Zoals je weet ben ik na het zien van Al Gore’s film An Inconvenient Truth heel erg
voorstander van milieubehoud en besparen, en ik denk dat inzicht in
energiegebruik heel veel bijdraagt in het bewustzijn. Zo weet ik ondertussen al
lang dat ik liever heb dat je daar in Tilburg zit. Ik kan precies zien, welke
weekenden je hier thuis op stap bent geweest met je Zeeuwse vrienden. Dan ligt
meneer tot twaalf uur op bed, en zie ik daar opeens een piek in het
watergebruik, omdat meneer zijn kater weg moet spoelen. Ik breng het allemaal
nog wel een keer in rekening.
Groet, pa
Bronnen:
Boyd, D.M., & Ellison, N.B. (2008). Social network
sites: Definition, history, and scholarship.
Journal of Computer Mediated Communication, 13(1), 210-230.
NOS. (25 december 2009). Kersttoespraak over social media.
Geraadpleegd via http://nos.nl/koningshuis/video/259913-kersttoespraak-over-social-media-2009.html.
Kim, J.K., Kim, H.K., Oh, H.Y. & Ryu, Y.U. (2010). A
group recommendation system for online communities. International Journal of Information Management, 30(3), 212-219.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten